Dronten

Straks rijden we langs Muiderberg, over de brug, Flevoland in.
Door de polders die ik zo goed ken. Die me zo vertrouwd zijn. Je kunt ver kijken daar, hoewel het uitzicht dat ik van vroeger ken verstoord wordt door de vele windmolens. Maar zelfs dan, zelfs met die opdringerige onderbrekingen van de horizon, ervaar je de wijdsheid van dat nog altijd jonge land. Alsof de kansen die de pioniers begin jaren zestig al zagen erin verankerd liggen. Alsof nog altijd de beloftes van nieuwe mogelijkheden op je liggen te wachten daar.

Je mag altijd opnieuw, enfin, daar heb ik dus die voorstelling over gemaakt.
En die ga ik vanavond spelen. In De Meerpaal.
We zijn op weg naar Dronten, en hoewel ik hier al zo vaak gereden heb, is het vandaag een eerste keer.

Jarenlang reed ik naar Dronten. In mijn studententijd met trein en bus, later deze weg door de polders. De jaargetijden zijn hier sterker aanwezig dan in de stad. De lente groener, de zomer geler. De herfst rood en bruiner, en de winter harder blauw en soms oogverblindend witter.

En al die jaren reed ik naar huis. Zelfs toen ik al drie keer binnen Amsterdam verhuisd was, reed ik nog altijd naar huis.
Naar waar ik geboren ben, en opgegroeid. Waar ik leerde lopen en fietsen.
Waar ik mijn eerste pianolessen oefende. Of vooral níet oefende en zo snel mogelijk probeerde liedjes van de radio mee te spelen. Waar we voetbalden en waar we in het bos onze eerste sigaretten rookten. Waar we na de repetitie van het jongerenkoor op zondagmiddag onze eerste biertjes dronken en ons vervolgens flink moesten houden tijdens de uitgebreide warme zondagslunch. Waar ik voor het eerst de opwinding voelde van een zaal die lacht. Die klapt. De oude Meerpaal nog. Het amfitheater, nog niet dichtgemaakt, in het midden van de markthal. Of zaalvoetbalhal. Of voleybalhal. Of concerthal. Een grote multifunctionele gemeenschapsruimte-hal.
De droom van de jaren zeventig.
Waar ik droomde dat ik Jim Morrison zou worden, playing strange games with the girls on the island, of iets dergelijks poëtisch ingewikkelds..
Naar waar ik vandaan kwam, waar in eerste instantie altijd een pak koffie en een stuk kaas op me lag te wachten om op zondagavond weer mee terug naar Amsterdam te nemen.

Waar we vierden, zongen en rouwden.
Waar we begroeven en waar we opeens weer heel vaak waren. Om op te vangen. Om te troosten. Om te helpen. Om te ondersteunen. Om te zorgen.
En waar opeens na al die jaren thuis thuis niet meer was.

Vandaag rij ik voor de eerste keer naar Dronten, zonder dat ik naar huis rijd.
Ik rijd er nog wel even langs, ik moet de sleutel nog door de bus te gooien.
Dat had ik zo lang mogelijk uitgesteld.

For seven years, I dwelt
In the loose palace of exile
Playing strange games with the girls of the island
Now, I have come again
To the land of the fair and the strong and the wise
Brothers and sisters of the pale forest
Children of night
Who among you will run with the hunt?
Now night arrives with her purple legion
Retire now to your tents and to your dreams
Tomorrow we enter the town of my birth
I want to be ready

Jim Morrison