De Hersteldagen

Ben even een paar dagen aan het bijkomen geweest.

Dat was een behoorlijk volle week, afgelopen week. Maandag DWDD met 5 uur van Ramses. Dinsdag première in De Kleine Komedie (Feest! Vrienden! Broers! Collegae! Drank! Schoudergemep! – in elke denkbare volgorde-), woensdag door naar IJsselstein, donderdagochtend naar Evers met Diggy Dex, ’s middags naar Stadskanaal ( dat is daar waar je denkt “ik zal er toch zo langzamerhand wel bijna zijn”, en dan moet je nog anderhalf uur) en vrijdag naar RTL Live met Angela. Tussendoor nog lesgeven en iets met een huishouden.
Allemaal leuk en prima, maar opgeteld best pittig.

Alles afgewogen is het reizen en spelen eigenlijk nog het relaxed, want zoals ik eerder al zei: er is weinig leuker dan touren.
En Stadskanaal is dan wel een eind rijden, maar als je eenmaal aankomt sta je dus mooi wèl in Stadskanaal! En dat is toevallig een van de leukste zalen, met de liefste mensen van het land.

Maar goed, hoop te doen gehad dus, en dan kwamen daar de recensies nog tussendoor gefietst, wat ook altijd meer energie uit mijn lijf trekt dan ik zou hopen of verwachten, gezien mijn jarenlange ervaring met recensies lezen.
De toon is over het algemeen gelukkig positief, en sommige zijn zelfs uitgesproken goed!
Fijn! Dank! Ik ben zelf ook tevreden! Ik ben inderdaad de beste!Maar ook nu weer blijkt hoe moeilijk sommige recensenten het vinden naar een voorstelling te kijken, zonder vooraf te hebben bepaald wat ze willen zien. Dat vind ik toch zoiets raars.
Dat zou mijns inziens toch onderdeel van het vak moeten zijn.
Wij staan toch niet op het podium om aan de verwachtingen van de recensenten te voldoen? Waarom kunnen ze niet gewoon gaan zitten en beoordelen wat ze voorgeschoteld krijgen, in plaats van wat ze dachten/verwachtten/hoopten dat ze voorgeschoteld zouden krijgen?
Mijn nieuwe voorstelling “Nieuw” is geen vervolg op de AedM-voorstellingen van weleer. Ik probeer Thomas niet te vervangen. Ik zou wel gek zijn. Onbegonnen werk.
Het is míjn nieuwe voorstelling. Met een ander geluid, namelijk míjn geluid. Wat is dat voor onzin dat een voorstelling zoals ik die maak “een clown” nodig zou hebben? Dat er maar weinig te schateren valt? Sinds wanneer is dat een criterium? En wie heeft dat dan bepaald?
Waarom zou je zeggen dat wellicht een paar muzikanten erbij ook wel aardig zou zijn? Die zijn er toch niet? Kun je ook wel zeggen: “Zou leuk zijn als Paul een mooie meid in een kort jurkje was” of: “Een mooie pantomime-act, dàt zou fijn zijn”Nou ja, ik kan elke recensie er wel bij pakken en elk puntje van kritiek gaan proberen te weerleggen, maar dat zal ik niet doen. Dat is ook onsportief. Mensen mógen een mening hebben.
En nogmaals, ik krijg voldoende veren in mijn achterste. Niks te klagen daar.
Maar ik zou het iedereen zo graag gunnen om gewoon ergens vrij naar te kijken, en dan naar aanleiding daarvan te verwoorden wat ze hebben meegemaakt.
Ik wens het jullie in elk geval toe. Kijk vrij.

Voor mij geldt nu dat de tijd van het heerlijke spelen is aangebroken. De voorstelling is klaar en ik hoef ‘m alleen nog maar elke avond zo mooi mogelijk te spelen. Hij zal hier glad slijten, daar scherper worden en op weer andere plekken zal er wat bij groeien.
Hij zal in elk geval steeds meer van mij worden.Vrijdag mag ik pas weer. Naar Hoorn, altijd fijn.

Deze week besteed ik aan het vegen van de herfstbladeren, aan het koken voor mijn liefsten, aan het lezen van die boeken waar ik iets van concentratie en rust bij nodig heb. Ik maak eens een mooie wandeling. De herfst is echt losgebarsten, en dat is prachtig!
En stiekem schrijf ik een nieuw lied.
Tussen ons gezegd en gezwegen: ik ben al weer een heel eind met nieuwe nummers.
Maar ssssst! Dat is voor later zorg.

Foto Bob Bronshoff

Deze column is gepubliceerd op 1 november 2016